Een tampon vangt bloed op in je vagina. Ze bestaan in verschillende soorten en maten, dus groot en klein. Er bestaan tampons die je met je vinger inbrengt, of met een inbrenghuls voor extra hygiëne.
Tampon zonder inbrenghuls
Was je handen en verwijder de plastic verpakking van de tampon. Trek het touwtje los dat aan de onderkant van de tampon zit opgevouwen. Til je been op en zet je voet op een stoel of wc-bril of ga op je hurken zitten. Open met je ene hand voorzichtig je schaamlippen en zet de tampon tegen de vagina opening aan. Zorg ervoor dat het touwtje naar beneden hangt, want die moet aan de buitenkant blijven hangen. Je kunt het touwtje ook met je andere hand vasthouden, voor de zekerheid. Duw met je wijsvinger tegen de onderkant van de tampon en duw hem rustig naar binnen. Als de tampon niet verder wil, moet je iets van richting veranderen, totdat hij schuin naar achteren de vagina in glijdt. Je moet m zo ver mogelijk naar binnen duwen, anders blijft hij niet zitten en komt hij langzaam weer naar buiten. Let er wel op dat het touwtje aan de buitenkant blijft, zodat je de tampon weer kunt verwijderen. Als de tampon ver genoeg zit, voel je hem niet zitten en doet hij geen pijn.
Tampon met inbrenghuls
Een tampon met een inbrenghuls bestaat uit verschillende hulzen, met binnenin de tampon. Die hulzen schuif je bij het inbrengen in elkaar, en dan blijft de tampon in je vagina achter. Het touwtje hangt dan uit de vagina, zodat je m ook weer kunt verwijderen.
Was eerst je handen voordat je de tampon inbrengt. Maak de verpakking open, en zorg ervoor dat het touwtje onderuit de huls hangt. Het touwtje moet straks buiten de vagina blijven hangen. Til je been op en zet je voet op een stoel of wc-bril. Zet de tampon tegen de opening van je vagina aan. Duw je schaamlippen een beetje open en schuif de tampon je vagina in; schuin naar achteren. Dit doe je tot er nog een klein randje van de bovenste huls uit je vagina steekt. Duw nu de onderste huls omhoog, zodat hij in de bovenste huls schuift. De tampon wordt nu automatisch naar binnen geschoven, dieper de vagina in. Dan trek je beide hulzen terug uit je vagina en blijft de tampon achter.
Ja, je kunt ze vanaf je eerste menstruatie gebruiken. De eerste keer is het nog een beetje oefenen, om de tampon in de juiste richting in te brengen. Probeer je te ontspannen, dan doet het geen pijn. Tijdens de zwaardere dagen is je vagina minder stroef door het menstruatiebloed; dat helpt bij het inbrengen.
Het gebeurt bijna nooit dat een touwtje afbreekt. Maar als het toch gebeurt of je hebt het touwtje per ongeluk mee naar binnen geduwd, probeer de tampon dan naar buiten te persen. Als het niet lukt, probeer het dan een uurtje later nog eens. Als het écht niet lukt, ga dan naar de huisarts, want die kan m verwijderen. Je mag een tampon niet laten zitten en afwachten.
Als je tampon vol is, verwijder je hem met het touwtje uit je vagina en gooi je hem in een zakje of papiertje in de vuilnisbak (niet in het toilet, want dan verstopt -ie!).
Nee, daar hoef je niet bang voor te zijn. Een tampon rekt je vagina niet uit.
Ja hoor, dat is geen enkel probleem!
Ja! Je kunt gerust een tampon gebruiken. Het maagdenvlies, dat rond de ingang van de vagina ligt, heeft een natuurlijke opening. Hierdoor kunnen menstruatievocht en vaginale afscheiding naar buiten. Het maagdenvlies is meestal al genoeg uitgerekt en elastisch om een tampon van het formaat mini of normaal door te laten, zonder het te beschadigen
TSS staat voor Toxic Shock Syndrome. Dit is een zeer zeldzame aandoening die kan voorkomen bij vrouwen die een tampon hebben gebruikt. Maar wees gerust; dit komt bijna nooit voor. Het is alleen belangrijk dat je weet dat het bestaat.